Een kachel, kan dat nog?

Het nieuwe stoken

  • 16/07/2019 12:00pm
  • 0
  • 3 min.
  • Feenstra nieuwsredactie

De revival van de kachel lijkt in volle gang. Met z'n allen rond het haardvuur: gezellig! Maar is de kachel nog wel van deze tijd? Is er in een energiezuinige toekomst plaats voor zo'n ouderwets vuurtje midden in de kamer? Alles wat u moet weten over kachels en duurzaamheid.

Open haard

De oerkachel is natuurlijk een simpel open vuur, zoals we dat al eeuwen geleden in de keuken van veel huizen aantroffen, meestal onder de schouw. Onze min of meer moderne variant daarop is de open haard. Gezellig? Zeker. Maar niet erg efficiënt. Bijna alle warmte van een open vuur verdwijnt namelijk door de schoorsteen. En gezond is een open haard al helemáál niet. Bij de verbranding van het hout komt veel fijnstof vrij, zowel binnenshuis als buiten. Dat is voor niemand prettig en voor mensen met astmatische klachten kan het zelfs acute problemen opleveren.

Houtkachel

Het rendement van de (gesloten) houtkachel is iets gunstiger dan dat van de open haard, maar efficiënt kunnen we het niet noemen. Bovendien heeft de houtkachel dezelfde nadelen: luchtvervuiling, stankoverlast en risico's voor de gezondheid. Als u een houtkachel gebruikt, is het belangrijk dat u de overlast voor uzelf en uw omgeving zoveel mogelijk beperkt. Dat heeft te maken met het soort hout dat u in de kachel legt, maar ook met het onderhoud van kachel en schoorsteen én de momenten waarop u stookt. De Rijksoverheid heeft tien praktische stooktips op een rijtje gezet.

Allesbrander

Ze zijn een tijdje populair geweest, maar gelukkig komen we ze steeds minder tegen; de allesbranders. Eigenlijk heten ze zo omdat ze geschikt zijn om zowel turf, steenkool als hout in te verbranden. Maar sommige mensen namen het wat ruimer en stopten er alles in wat maar enigszins wilde branden, met alle gevolgen van dien. Heeft u nog een allesbrander, dan is het in ieder geval verstandig om er alléén droog en onbewerkt hout in te stoken. Het verbranden van bewerkt hout (gelakt, gebeitst of geïmpregneerd), spaanplaat, multiplex, sloophout, papier, karton, plastic en ander afval is niet alleen slecht voor het milieu en voor de gezondheid, in Nederland is het zelfs verboden. Daar is een goede reden voor. Legt u zulke materialen in de allesbrander (of op het kampvuur), dan kunnen er gevaarlijke stoffen vrijkomen, zoals chloorverbindingen, benzeen en zware metalen.

Pelletkachel

De pelletkachel is de laatste jaren flink in opmars. De trendy modellen, vaak in eigentijdse kleuren, helpen daar flink aan mee. Pellets zijn kleine stukjes geperst hout, meestal in de vorm van een kleine cilinder. In de verbrandingsruimte van de kachel zorgt een elektrische ontsteking ervoor dat de pellets ontbranden. Bij een gewone houtkachel verdwijnt een groot deel van de warmte door de schoorsteen naar buiten, maar een pelletkachel is een stuk efficiënter. Het verbrandingsproces is geautomatiseerd, zodat er weinig warmte verloren gaat. Het rendement van de meeste modellen ligt boven de 80%. Het is ook mogelijk om de pelletkachel te gebruiken als warmtebron voor de centrale verwarming. Met behulp van een water-warmtewisselaar, een circulatiepomp en een expansievat geeft de kachel zijn warmte dan af aan de radiatoren. In zo'n geval kan het rendement zelfs boven de 90% uitkomen. Mensen die graag vasthouden aan het stoken op hout, boeken dus wel een rendementswinst wanneer zij hun houtkachel vervangen door een moderne pelletkachel. Overigens is een pelletkachel nog altijd minder efficiënt dan een moderne cv-ketel met hoog rendement. Een pelletkachel wordt vaak milieuvriendelijk en duurzaam genoemd, maar daar is niet iedereen het mee eens. Als alle pellets volledig van zaagsel en ander houtafval worden gemaakt, zou je de verbranding CO2-neutraal kunnen noemen. Maar het is de vraag of al dat houtafval dat nu naar de productie van pellets gaat, niet toch al op een efficiënte manier gebruikt zou worden, bijvoorbeeld in elektriciteitscentrales. De totale hoeveelheid hout die beschikbaar is voor het maken van pellets is nu eenmaal beperkt. Daar komt bij dat voor het produceren en vervoeren van de pellets (veel) fossiele brandstof nodig is. Een handige oplossing voor onze energievoorziening op de lange termijn is stoken met een pelletkachel dus zeker niet.

Hout is geen logische keuze

Gebruiken we hout als brandstof, dan is het in theorie mogelijk dat we daarmee per saldo geen CO2 uitstoten. Maar dan moeten we er wél zeker van zijn dat het hout afkomstig is uit bossen die duurzaam worden beheerd. Dat zijn bossen waarin niet méér hout gekapt wordt dan er aan nieuwe bomen wordt aangeplant. Zulke klimaatneutrale bossen zijn er helaas steeds minder. Daar komt nog bij dat het transport van hout, van het bos naar de kachel, eigenlijk niet op een duurzame manier mogelijk is. Jan Liefting, productmanager Warmte bij Feenstra, heeft over hout als brandstof dan ook een heldere mening: 

"Met houtkachels en pelletkachels verbranden we biomassa. Dat klinkt heel natuurlijk, maar we kunnen het redelijkerwijs niet meer beschouwen als een duurzame manier om onze huizen te verwarmen. Honderdvijftig jaar geleden werkte het misschien nog, omdat we toen met veel minder mensen op aarde waren. De oppervlakte bos die je moest kappen om één persoon van warmte te voorzien, groeide destijds ongeveer weer terug in de periode van een mensenleven. Met het aantal mensen dat nu op onze planeet rondloopt, is dat niet meer mogelijk. Ook als je naar energie-efficiëntie kijkt, is hout geen logische brandstof. Er zijn situaties waarin een pelletkachel misschien het minst slechte alternatief is, maar over het algemeen ligt het niet voor de hand om op grote schaal hout te gaan verbranden. In plaats daarvan kunnen we ons veel beter richten op energiebronnen die écht duurzaam zijn, zoals zon en wind. Tegelijkertijd moeten we realistisch zijn. Overschakelen op volledig duurzame energie is niet iets dat we in korte tijd voor elkaar hebben. In de overgangsfase, die wel eens een flink aantal jaren zou kunnen duren, is het heel aannemelijk dat het stoken op biomassa de meest aanvaardbare oplossing is."

Oliekachels, turfkachels en kolenkachels

Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw waren in veel Nederlandse huizen nog olie- en petroleumkachels, kolenkachels en zelfs turfkachels te vinden. Door de aanleg van het aardgasnet, maakten vrijwel al die kachels in een snel tempo plaats voor de gashaard. Jan Liefting: "Vandaag de dag willen we zo snel mogelijk van het aardgas af, maar dat lag een halve eeuw geleden heel anders. De vervanging van al die olie- en kolenkachels door gashaarden zagen we toen als een enorme verbetering. In sommige opzichten was het dat ook. De luchtvervuiling door kachels nam in die jaren behoorlijk af."

Gaskachel

Bij aardgas denken we tegenwoordig al snel aan onze cv-ketel. Maar voordat de centrale verwarming ons land veroverde, hadden de meeste huizen die op het aardgasnet werden aangesloten een gashaard. In veel woningen zijn nog steeds 'ouderwetse' gaskachels te vinden, maar ook nieuwe gashaarden, meestal met een beter rendement, worden weer geplaatst. Soms als hoofdverwarming en soms als sfeervolle aanvulling op een eigentijds verwarmingssysteem.

Elektrische kachel

Kleine, elektrische kachels kennen we al tientallen jaren. Het 'straalkacheltje' en de elektrische radiator hebben in de loop van de tijd in heel wat onverwarmde kamers de temperatuur nog een béétje kunnen opkrikken. Elektrisch verwarmen is in de meeste huizen aanzienlijk duurder dan het verwarmen met een cv-ketel of een warmtepomp. Bovendien is elektrisch verwarmen in de meeste gevallen niet duurzaam, omdat het overgrote deel van de stroom nog altijd wordt opgewekt met behulp van fossiele brandstoffen. Toch kan de elektrische kachel in sommige situaties uitkomst bieden, bijvoorbeeld wanneer u voor een korte periode één kamer wilt verwarmen.

Infraroodpanelen

Een bijzondere vorm van de elektrische kachel is het infraroodpaneel. Zo'n paneel verwarmt niet de lucht, maar zet elektriciteit om in straling. Komt u met die straling in aanraking, dan voelt u de warmte. Vergelijk het maar met de warmte van de zon op een koude winterdag. Net als de gewone elektrische kachel is het infraroodpaneel voorlopig vooral geschikt als lokale aanvulling op een ander, efficiënter verwarmingssysteem.

Koolmonoxide

Bij ieder verbrandingsproces komt koolmonoxide vrij. Koolmonoxide is een gas dat je niet kunt zien en niet kunt ruiken. Volgens een rapport uit 2015 van de Onderzoeksraad voor Veiligheid vallen door ongelukken met koolmonoxide in Nederland jaarlijks vijf tot tien doden, terwijl enkele honderden mensen gewond raken. Heeft u een kachel in huis, dan is een goede koolmonoxidemelder absoluut noodzakelijk. Overigens is een CO-melder óók aan te raden in woningen met een cv-ketel.

Download ons gratis whitepaper over koolmonoxide

Het verschil tussen CO en CO2

CO is de scheikundige afkorting voor koolmonoxide (eigenlijk: koolstofmonoxide). CO is een giftig gas dat vrijkomt bij onvolledige verbranding van hout, kolen, gas en andere brandstoffen. Het is dus niet hetzelfde als CO2 (koolstofdioxide). Dat is een gas dat van nature in de atmosfeer voorkomt en op zichzelf niet gevaarlijk is. Door het verbranden van fossiele brandstoffen is er de afgelopen eeuwen veel méér CO2 in de atmosfeer terechtgekomen, waardoor de temperatuur op aarde stijgt; het zogenoemde broeikaseffect. De gevolgen daarvan merken we nu al, bijvoorbeeld doordat we steeds vaker te maken hebben met hittegevolgen en extreme neerslag.

Wat vindt u van dit artikel?


Meer over deze tags


Plaats reactie

Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en het privacybeleid en de voorwaarden van Google zijn van toepassing.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.